logo

Quotes from Joost Zwagerman

zag jij misschien dat ik naar jou, dat ik je zag en dat ik zag hoe jij naar mij te kijken zoals ik naar jou en dat ik hoe dat heet zo steels, zo en passant en ook zo zijdelings - dat ik je net zo lang bekeek tot ik naar je staarde en dat ik staren bleef. Ik zag je toen en ik wist in te zien dat in mijn leven zoveel is gezien zonder dat ik het ooit eerder zag: dat kijken zoveel liefs vermag.
~ Joost Zwagerman
Iets wordt pas onmogelijk als jijzelf alle mogelijkheden uitsluit,.. citaat uit 'Ooit keren de doden terug.
~ Joost Zwagerman
Vaak heb je toeschouwers van elders nodig om de schoonheid die ons dagelijks omringt te benadrukken: onszelf valt die 'tere, zilvergrijze toon' vaak niet eens (meer) op, omdat we hem als vanzelfsprekend beschouwen, citaat uit 'Hollands licht
~ Joost Zwagerman
Het juiste woord, de precisie van de formulering, (...) verschaft de schrijver die 'heimelijke zorgeloosheid', het geluksgevoel. Citaat uit 'De vreugde van het formuleren
~ Joost Zwagerman
Verliefdheid rust op het roekeloze besluit verliefd te worden. Met zijn besluit had Simon de kwelling over zichzelf afgeroepen. De welling was masochistisch en theatraal. Het was gezocht ongeluk, zelfgeschapen wanhoop, ijdele parodie. Allemaal waar. Maar wat het ook mocht zijn, de kwelling werd er niet minder op.
~ Joost Zwagerman
Verliefdheid rust op het roekeloze besluit om verliefd te worden. Met zijn besluit had Simon de kwelling over zichzelf afgeroepen. De kwelling was masochistisch en theatraal. Het was gezocht ongeluk, zelfgeschapen wanhoop, ijdele parodie. Allemaal waar. Maar wat het ook mocht zijn, de kwelling werd er niet minder om.
~ Joost Zwagerman
Op haar wangen zaten weer van die zwarte, natte strepen. Zo had er hij er ook wel eens uitgezien in de tijd dat hij in Alkmaar kranten had rondgebracht en met donkergrijs geworden vingertoppen in zijn ogen had gewreven. Het was een voorrecht om op haar te lijken.
~ Joost Zwagerman
In jou, Lizzie Rosenfeld, bange bakvis, dappere hoer, ondermaans onderwatermeisje, alleen in jou verdiep ik mij, dompel ik mij onder, graaf ik mij in, tot victorieuze verstikking toe.
~ Joost Zwagerman
Dat het lente werd, was een incident.
~ Joost Zwagerman
De een hield de ander niet in de armen, maar toch leek het alsof zij elkaar wiegden.
~ Joost Zwagerman
Je hebt uiteindelijk je begeerte lief en niet het begeerde.' Het kwam er veel plechtiger uit dan bedoeld. Meteen had hij spijt het te hebben gezegd. Simon wist dat het waar was, maar wist ook dat het aanmatigend was om te zeggen dat het waar was. Lizzie fronste. Zij vroeg of hij het nog eens wilde zeggen. Toen zei ze: 'Nou, dat vind ik niet. Ik hou gewoon van jou.
~ Joost Zwagerman
Hij wandelde en was er niet. Melancholie niet langer een gevoel. Het was veranderd in een eigenschap.
~ Joost Zwagerman
En áls er dan ergens in moest worden berust, dan toch in de wetenschap dat zij eendrachtig waren in hun rouw; dat zij eindelijk van elkaar wisten dat zij niet treurden om de afloop en het scheiden, maar al hadden getreurd vanaf het eerste begin. Die synchroniciteit was troostend.
~ Joost Zwagerman
Een misplaatst gevoel voor goede smaak weerhield hem ervan te zeggen dat hij haar had gemist en haar zou blijven missen. Maar er waren momenten dat de goede smaak maar even de andere kant op moest kijken. 'Ik jou ook,' antwoordde Lizzie.
~ Joost Zwagerman
Ik nodig je uit voor een viergangenalibi.
~ Joost Zwagerman
Verliefdheid rust op het roekeloze besluit verliefd te worden. Met zijn besluit had Simon de kwelling over zichzelf afgeroepen. De kwelling was masochistisch en theatraal. Het was gezocht ongeluk, zelfgeschapen wanhoop, ijdele parodie. Allemaal waar. Maar wat het ook mocht zijn, de kwelling werd er niet minder om.
~ Joost Zwagerman
Hij had geprofiteerd van het gemak waarmee je in de grote stad van je 'persoonlijkheid' een goed verhaal kan maken, met kop en staart en een plot die wat te raden overlaat. Identiteit was iets om af te huren, een soort mentale smoking.
~ Joost Zwagerman
Tijd was ook maar een afspraak, gemaakt door gewone mensen die een gewone wereld wilden.
~ Joost Zwagerman